Website Chris Bödeker en Loes Bödeker-Lijmberg (Genealogie)

 

Johann Henrich Dreyer modo Bödeker

Johann Henrich werd gebpren te Heiden, waarschijnlijk rond 1640. Hij moet een man met aanzien zijn geweest, dit gezien de vele tientallen malen waarin hij (en zijn vrouw) als doopgetuige voorkomen. Op basis van zijn aanwezigheid in 1704 als doopgetuige waar hij als Doctor zu Heiden wordt omschreven (zie hierna) alsmede de opmerking bij zijn begrafemis inschrijving "Artzt alhier" moet worden geconcludeerd dat hij de geneeskunst uitoefende en mogelijk een Doctor Medicinae was. De aanwezigheid van veel 17e eeuwse medische boeken in de nalatenschap van zijn kleinzoon Dr. Med Christian Rudolph kan hieruit wellicht worden verklaard.

Afbeelding: Doopregister van Brake 26 Dec 1704. Filio Tönnies Múlthaupt von der Húmmertrupperhoijde den 16 sten ejusdem.Susceptores Johann Müller in der Wiembeck, der Doctor zú Hoijden Henrich Bödekers, Bartholdt uff der Hausstaette beij der Lage, Vocatus Johann Henrich.

Henrich zou dus een Doctor of tenmiste practizerend arts zijn geweest. Een verder bewijs daarvoor is een brief aan de Justizkanzlei van zijn hand in de verzamelde stukken over Heiden waarbij dat ook blijkt. Daaruit valt het volgende te reconstrueren. In aug 1696 breekt Cordt Cruels zoon Balthasar een been omdat een boomstam van de wagen van Dreyer viel hetgeen gebeurde voor het huis van Bodeker. Hij wordt daarbij gehaald maar weigert in eerste instantie het slachtoffer te behandelen. Immers een geleerd arts mag de lichamelijke integriteit niet aantasten, hetgeen bij verwondingen onmogelijk is, maar moet dat overlaten aan een chirurg. Uiteindelijk doet hij het toch maar het loopt helaas verkeerd af. Balthasar overlijdt een aantal dagen later aan koudvuur ("Kalte Brandung"). Henrich Bodeker wordt vervolgens aangeklaagd omdat hij onbevoegd zou zijn opgetreden. Hij verdedigd zich daartegen met de stelling dat hij dat ook wel weet, verwijzend naar Hippocrates, en niet wilde (wat zijn buren beamen), maar dat hij uiteindelijk ertoe gedwongen werd door de omstandigheden. Hij zou volgens een opmerking in de marge zijn betraft maar dat blijkt verder nergens. Wel wordt op 1 Dec.1696 Dreyer bestraft die verantwoordelijk voor het ongeval wordt gehouden.

In 1698 is er een akte met de Meyer van Heiden waarin hij deze 75 Rtl leent.

Johann Henrich Dreyer trouwde (als weduwnaar) te Heiden 27 mei 1684 (Eheprotokol 25.April 1684) met Anna Lucia Bödeker, gedoopt 15 oktober 1653, dochter van Tönnies Bödeker, de naam van de moeder is niet bekend. Anna Lucia was de Anerbin van het Hof en Johan Henrich Dreyer nam daarmee de naam Bödeker over *) .

Uit dit huwelijk zijn de volgende kinderen voortgekomen. Daar het doopboek in deze periode geen doopnamen noemt is er enige onzekerheid in de namen van de dochters. Voor de zonen is er voldoende materiaal voor een exacte identificatie. Alle gegevens zijn van Heiden.

  1. Anne Margretha Lisabeth. Gedoopt 10 juli 1685.
  2. Jost Diederich. Gedoopt 23 juli 1686.
  3. Arnd Christian. Gedoopt 14 september 1688.
  4. Anna Margaretha (Elisabeth). Gedoopt 10 juni 1691. Doopgetuigen Anna Margrethe Wennings, Josts Hausfrau uit de Müse, Elisabeth Lühr (Hermanns dochter) en Elisabeth Dircks, Simons dochter uit Heiden. Hoewel de doopinschrijving nog vager is als anders Henrich Bödeker eine junge Tochter moet het om een dochter van Henrich uit Heiden gaan. Zij is mogelijk de Anna Margaretha Bodekers die op 19 augustus 1764 te Heiden werd begraven, oud zijnde 73 jaar.
  5. Anna Lisabeth (Ilsabe). Gedoopt 18 juli 1693 als dochter van Henrich uit Heiden. De doopgetuigen waren Johan auf den Gründen zu Hardißen Hausfr. Feegers ibid. Hausfr., Cordt Möllers zu Heyden Hausfr..

Bij zijn overlijden is in de Goregister vermeld als "Henrich Bodecker verstorben. Nachgelassen landereien, 75 Rt bei Meier zu Heiden, 2 Kûhe, tagliche Kleider und hausgerüst. Successie 8 Rtl" (dat is het maximum). Op 26 apr 1717 wordt hij begraven als "Johann Henrich Bödeker allhier welcher sich als einen Artzten gebrauchen lassen".

Zijn vrouw wordt op 23 juni 1721, 67 jaar oud begraven. Bij haar overlijden staat de 75 Rtl lening aan de Meyer van Heiden nog steeds uit. Er is een nalatenschap, 1 Kuh, 1 Hof en nog wat huisraad. Er moet successie worden betaald (4 Rtl).

Terug naar Tönnies Bodeker (ca 1625-1683)

*) Voor deze identificatie ben ik dank verschuldigd aan de heer Wolfgang Bechtel te Detmold die mij opmerkzaam maakte op hun Eheprotokol (StA Detmold, L 108 A Nr.134 Seite 220, Eheprotokolle Amt Detmold den 25.dito (April 1684)

De gegevens is uitgaand van eigen onderoek tot stand gekomen door eigen onderzoek en daarnaast de medeweking en informatie die door anderen is gegeven Naast mijn dank daarvoor en waar mogelijk heb ik dat vermeld. Overname van gegevens uit deze website is toegestaan. Bronvermelding stel ik daarbij op prijs.